Postduiven in oorlog en vrede

Sjoek Smallenbroek,

de man van De Snelvlieger in Assen

Sjouke Smallenbroek (1896 – 1979), bij velen beter bekend als Sjoek, was net als Gijs van Staveren een  pionier voor de postduivensport in Assen en het noorden van ons land. Hij kende trouwens de wat oudere Van Staveren goed en had ook duiven van deze nestor. Vanuit zijn christelijke levensovertuiging werd Smallenbroek de man van de zaterdagvliegers in het noorden. Hij richtte in 1923 De Snelvlieger op en was gedurende 50 jaar voorzitter van deze vereniging. In 1934 werd onder zijn leiding de afdeling Noord van de Nederlandse Bond van Zaterdagvliegers opgericht, waarvan hij 20 jaar voorzitter was.

Sjoek Smallenbroek op gevorderde leeftijd

Ondernemer

Sjoek Smallenbroek was een echte ondernemer. Hij handelde in bouwmaterialen en was tot zijn overlijden op 82-jarige leeftijd actief in zijn bedrijf. Behalve in zijn werk was hij ook ondernemend in het culturele, het sportieve en het kerkelijke leven in Assen. Was hij een pionier voor de postduivensport, dat gold ook voor het zaterdagvoetbal in Assen. Hij was oprichter van de voetbalclub UDI, de voorganger van ACV. Muziekvereniging Oranje werd mede door hem opgericht. In zijn kerk was hij hoofd van de diakonie. Smallenbroek liep vaak voorop en had de gave anderen enthousiast te maken. Hij trouwde op 40-jarige leeftijd en kreeg zes kinderen. Een daarvan kennen wij gelukkig nog in de duivensport: Guus.

 De Snelvlieger

Op 19 oktober 1923 richtte Smallenbroek De Snelvlieger op, samen met de heren Mooi, Lunshof en Geertsema. Sjoek beschouwde de club echt als zijn vereniging, hij was maar liefst 50 jaar voorzitter. Gedurende vele jaren vond het inkorven plaats in een loods van zijn bedrijf. Hij was de spil waar de hele organisatie om draaide.

Door de inspanningen van Smallenbroek kon de vereniging kort voor zijn aftreden het nieuwe inkorflokaal aan de Veemarkt betrekken. In januari 1974 trad hij terug en stelde zich niet meer beschikbaar voor een bestuursfunctie. Hij werd prompt benoemd tot erevoorzitter, een blijk van de grote waardering die men voor hem had. Het was des te treuriger dat vervolgens in zijn vereniging de nodige ruzie ontstond die er in 1977 toe leidde dat De Snelvlieger zich afwendde van De Zaterdagvliegers en zich aansloot bij de N.A.B.v.P. Sjoek was hevig teleurgesteld, hij liet zich niet meer zien in de vereniging en eind 1978 bedankte hij als lid.

Smallenbroek was principieel voorstander van het vliegen op zaterdag. Hij was oprichter van de afdeling Noord van de NBvZ in 1934 en bekleedde vervolgens 20 jaar lang het voorzitterschap van deze afdeling. Hij heeft zich enorm ingespannen voor de bond en bij gelegenheid van het 50-jarig jubileum van de NBvZ ontving hij uit handen van zijn opvolger A.Harsema de gouden speld.

 De grote fond

Sjoek Smallenbroek vloog het hele programma maar zijn hart ging uit naar de grote fond. Daarmee maakte hij het zichzelf niet makkelijk: door zijn principiële opstelling kon hij slechts met die wedvluchten meedoen die op vrijdag werden gelost. Dat waren er ieder jaar maar enkele.

Een voorbeeld. San Sebastian 1933, nationaal in concours 2141 duiven. Op een afstand van 1247 kilometer wint Smallenbroek de 24ste en de 165ste prijs. Nationaal dus, met die enorme overvlucht! Over de afstamming van zijn duiven schrijft Sjoek: “Dat het goede ras heeft gezegevierd wordt weer bewezen. De oude stam vindt men terug in het hok van den bekenden Asser liefhebber, den oud-Utrechtenaar, den heer G. van Staveren, die ons bij het begin onzer liefhebberij steeds met raad en daad terzijde stond en nog steeds de steunpilaar is voor de duivensport hier ter plaatse.”

Over de aankomst van het blauwe duivinnetje dat die 24ste prijs pakt schrijft hij: “Mijn duivenvrienden hebben met bewondering staan kijken bij haar aankomst vanaf Spanje naar de buitengewone conditie waarin ze toen nog verkeerde. Naast haar nestzusje gezet was haast niet te zien wie van de twee nu mee geweest en wie thuis was gebleven. Den volgenden ochtend was ze de eerste uit het hok om haar rondvluchtje te maken.”

Een krantenfoto van de duivin die zo vroeg was van San Sebastian

In 1936 ging het weer heel goed op San Sebastian, getuige dit stukje uit een landelijk dagblad: “Niet minder opmerkelijk is het uithoudingsvermogen van de duiven van de heeren Van Staveren en Smallenbroek uit Assen, die zondagmorgen om 9.06 en 9.30 uur arriveerden. Een afstand van 1247 K.M. was daarmee afgelegd. Hoeveel duiven uit het zuiden van ons land, die zaterdag thuis kwamen, zouden daarna in staat geweest zijn om nog eens 200-250 K.M. verder te vliegen?”

Fusie

Van de vier verenigingen in Assen die aangesloten waren bij verschillende bonden, is er nu nog maar één over, de oudste: De Luchtbode. Op 1 januari 2014 is De Snelvlieger opgegaan in deze club. Samen vormen we een grote, sterke postduivenvereniging. Sjoek Smallenbroek had het goed gevonden, in deze tijd…

 

Aanvankelijk werden de duiven per trein vervoerd, later met dit soort vrachtauto's

 

(Bronnen: De Postduif, 8 maart 1934, Nieuws van de Dag, 2 juli 1936,

In Memoriams in: Neerlands Postduiven Orgaan, De A.C.V.er, Kerk en Gezin)


 

 

 

 

Top